You are here:

Labyrinth Ethiek: zorg goed voor je personages

Onder de naam Labyrint startte het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid een debatreeks voor mediamakers. Als media-instituut vindt Beeld en Geluid het belangrijk om op neutrale grond een podium te bieden voor het bespreken van uiteenlopende en uitgesproken thema's, waar makers in hun dagelijkse praktijk mee worstelen. In de tweede aflevering op 28 juni 2019 stond het thema Ethiek centraal.

Margo Smit - Foto: Max Peters

Hoe maak je én een goed programma of geslaagde documentaire én ga je zorgvuldig met deelnemers en personages om? Onder meer de makers van Groeten uit Holland, Het Beste voor Kees en Tygo in de GHB spraken over hun ervaringen.

Anno 2019 is het twintig jaar geleden dat Big Brother op televisie kwam: een uiterst controversieel programma, zeker in een tijd waarin reality-tv nog niet tot het reguliere aanbod behoorde. Juliette Jansen, programmacoördinator bij het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid, noemt het in haar welkomstwoord. Na vertoning van een korte compilatie van televisiefragmenten – met onder meer uitingen van ongerustheid over Big Brother – introduceert moderator Noa Johannes de eerste gast: Margo Smit, ombudsvrouw bij de NPO.

Kritische vriend

‘Ik word doorgaans achteraf – als het kwaad al is geschied– ingeschakeld en treedt dan op als mediator tussen klager en maker, ‘ vertelt Smit in haar gesproken column. Ze ziet zichzelf bij voorkeur als ‘kritische vriend’ en benadrukt het belang van zo iemand; ná, maar ook voorafgaand en tijdens het productieproces. En dat belang geldt niet alleen journalistieke producties – haar eigen werkgebied – maar ook reality tv, spelprogramma’s en documentaires. Sparren over wat kan en wat niet, zou zich niet moeten beperken tot wat juridisch wel en niet mag, betoogt ze, maar ook een morele dimensie moeten hebben. Een BBC-collega vertelde haar ooit dat men daar werkt met een ‘editorial policy department’: een afdeling die producties van tevoren doorlicht op juridische en ethische aspecten. Smit zou adviseren te praten vanuit de inhoud, met andere professionals over ethische grenzen, in alle fasen van het productieproces. Ze ziet het debat van vandaag als een mooie aftrap.

Jalal Bouzamour - Foto: Max Peters

Gezamenlijkheid

Hoe haal je vijf Marokkaanse vrouwen over om mee te doen aan een serie waarin ze reflecteren op Nederlandse cultuur en gewoonten? Jalal Bouzamour en Myriam Sahraoui slaagden erin, zo bewijst Groeten uit Holland. Bij het zoeken naar deelnemers voor hun serie hebben de makers profijt gehad van hun Marokkaanse afkomst, vertellen ze. Die wekte vertrouwen en maakte het mogelijk het eigen netwerk in te schakelen. ‘Uiteraard,’ zegt Sahraoui, ‘hebben we geprobeerd de vrouwen te enthousiasmeren voor het avontuur. Maar we vertelden ook meteen wat minder leuke kanten zouden kunnen zijn: herkend worden op straat, bijvoorbeeld, of kritiek krijgen vanuit de eigen gemeenschap.’ Dat de serie in harmonie tussen makers en geportretteerden is verlopen, heeft volgens Sahraoui vooral te maken met de gezamenlijkheid van de productie. ‘Door de vrouwen permanent te betrekken bij de plannen maakten we hen mede-eigenaar.’ Bouzamour vertelt dat hij zich voortdurend heeft afgevraagd of hij zijn eigen moeder op deze manier had willen laten zien. De aanpak van de makers leidde ertoe dat ze van de deelnemende vrouwen carte blanche kregen bij opnames en montage. 

Groeten uit Holland

De aflevering met de meest nadrukkelijke morele lading was die waarin één van de personages vertelt dat ze alvleesklierkanker heeft, zegt Bouzamour: ‘We hebben uitvoerig besproken of we dat moment in de serie zouden opnemen. Dat Habiba, die in juli overleed, én haar familie daar volledig achter stonden, gaf de doorslag.’ Er volgden ‘hartverwarmende reacties’ uit Nederlandse en Marokkaanse kringen. 

Bij seksueel getinte onderwerpen gebeurde wel dat de vrouwen het achteraf niet eens waren met de vertoonde beelden, vertelt Sahraoui. ‘Eén vrouw tekende er bezwaar tegen aan dat zulke onderwerpen überhaupt aan de orde kwamen. Maar zij bedacht na een aantal keren dat zíj er niet persoonlijk verantwoordelijk voor was als de anderen er wél over spraken. Zo deed zich ook een vorm van individualisering binnen het maakproces voor.’

Het beste voor Kees

Ironische grapjes

Een hoofdpersonage met een sterke hang naar controle. Eén die alleen maar wil werken volgens exact van tevoren afgesproken schema’s en niet gefilmd wil worden tijdens het eten. Die knappe mannen met krullen intimiderend vindt, en dus geen cameramensen in huis wil die aan dat profiel voldoen. Die ironische grapjes niet begrijpt en snuifgeluiden niet verdraagt. Regisseur Monique Nolte had ermee te dealen toen ze Het Beste voor Kees maakte, een documentaire over de autistische Kees en diens relatie met zijn ouders. ‘Wat Kees wilde ging soms best ver,’ zegt Nolte, ‘maar ik móest er rekening mee houden en wílde dat ook.’ 

Sturend optreden? Ja, dat doet ze soms wel, vertelt ze. ‘Ik heb een gesprek tussen alle gezinsleden voorgesteld over Kees’ toekomst. De moeder had daar geen zin in, maar stemde uiteindelijk in. Terwijl zij aannam dat het voor Kees geen issue was, bleek uit de vragen die Kees aan zijn broers stelde, dat hij wel degelijk bezig was met de dood van zijn ouders. Het was duidelijk dat het gezin nooit eerder zo’n gesprek voerde.’ Nolte vond het spannend om de film aan Kees’ ouders te laten zien, maar die waren er blij mee. Het resultaat van jarenlange samenwerking, denkt ze. 

Terwijl Nolte zich ingespannen had om Kees ‘gebalanceerd’ in beeld te brengen, werd een fragment uit Het Beste voor Kees waarin hij tekeergaat tegen Duitsers, op YouTube gezet. Met het oog op bescherming van personages doet ze onderzoek naar een methode om illegaal gebruik van fragmenten uit documentaires te voorkomen.

Animaties

Nikki, de documentaire waar Nolte nu aan werkt, gaat over een pubermeisje dat opgevoed wordt door een moeder met een psychische aandoening. Op Doclines, het door Nolte opgerichte documentaireplatform, is al info te lezen over Nikki en een sneak peek te zien. ‘We creëren daarmee belangstelling en proberen ook effecten van de documentaire zelf te sturen,’ ‘zegt Nolte. ‘Een mogelijk nadeel is dat je personage zich terugtrekt vanwege negatieve feedback die erdoor loskomt.’ Om haar hoofdpersonage niet te schaden bij het maken van haar nieuwe documentaire, werkt Nolte samen met deskundigen, waaronder een ervaringsdeskundige en een stagiaire ethiek. ‘En zorgvuldig met Nikki in gesprek blijven is belangrijk,’ betoogt Nolte. ‘Ik had de indruk dat zij last had van een interview dat ik met haar gedaan had. Toen ik daarnaar vroeg bleek zij het idee te hebben verraad te plegen als ze over haar moeders borderline stoornis praat. Nu hebben we animaties gemaakt van tekeningen die ze maakt over haar moeders psychische toestand. De afstand die dat meebrengt, maakt het voor haar gemakkelijker.’

Tygo in de GHB

Kwetsbaarheid

Kwetsbare jongeren in beeld brengen: hoe ver ga je daarin? Voor Arie Rijneveld, eindredacteur EO, was het een issue bij het maken van Tygo in de GHB, een documentaireserie waarin Tygo Gernandt de GHB-problematiek op met name het Brabantse platteland in kaart brengt. Producent Zodiak en omroep waren het er meteen over eens dat het geen hulpprogramma moest worden, maar dat de serie de problematiek zonder oordeel in kaart zou moeten brengen. ‘De keuze van deelnemers is zeker zorgvuldig gedaan,‘ vertelt Rijneveld. ‘Als we het idee hadden dat iemand de consequenties van deelname niet zou kunnen overzien, deden we het niet. Een instabiele en verslaafde man met een zoontje bij jeugdzorg wilde zelf wel graag meedoen bijvoorbeeld, maar wij vonden dat geen goed idee.’ 

Waarom kozen de makers ervoor sommige gebruikers in vermomming en andere herkenbaar in beeld te brengen? Rijneveld: ‘Studenten die GHB als partydrug gebruiken, wilden wel vertellen over hun gebruik, maar niet in beeld komen. De buitenproducent kwam op het idee hen in onesies te laten zien, in plaats van met een criminaliserende blur. Die vrolijk ogende sfeer waarin zij gebruiken, is eigenlijk heel treurig. Dat vonden ze zelf ook. Zij schaamden zich na het zien van die aflevering en zijn gestopt met GHB.’

Het productieteam maakte van tevoren geen afspraken over scenario’s waarbij ze zouden interveniëren in gebeurtenissen, vertelt Rijneveld. ‘Je kunt onmogelijk alles van tevoren bedenken.’ Zoals het fragment waarin een cameravrouw in de auto stapte met drie zwaar gedrogeerde jongeren, die vervolgens op hoge snelheid door een dorpskern rijden. ‘We hebben het er uiteraard over gehad of we dat moesten uitzenden. De situatie is onveilig, er had een ongeluk kunnen gebeuren. Anderzijds wil je wat er gebeurt eerlijk in beeld brengen. We wilden laten zien wat de kwalijke gevolgen zijn van excessief GHB gebruik, vooral ook in het verkeer. Als iemand dreigt een overdosis te nemen, grijp je natuurlijk wél in.’ 

Zelfreflectie

‘Vrijwel alle makers zoeken de grens van hun werk al doende op,’ zegt coach en artiestenpsychologe Daisy Gubbels, hekkensluiter van de middag. ‘Begrijpelijk, want iedereen is aan het pionieren en dan is het moeilijk van te voren vast te leggen waar de grens ligt tussen wat moreel wel en niet kan.’ Niettemin kunnen makers soms best meer voorzorg in acht nemen, vindt ze. Er zijn mensen die graag mee willen doen, omdat ze dan hun verhaal kunnen vertellen. De bekendheid die hun optreden meebrengt, komt hen goed uit. Maar er worden ook wel mensen ingevlogen bij programma’s vanuit sensatiezucht, stelt ze. ‘Je kunt je van mensen als Herman uit Idols of Samantha de Jonge/Barbie afvragen of je die niet tegen zichzelf in bescherming hoort te nemen. ‘

Gubbels constateert dat veel programma’s hun zorg onvoldoende geregeld hebben. ‘Makers komen vaak pas in actie als de ethische grens al is overschreden en een deelnemer klaagt over gevolgen.’ Kan ze aanbevelingen doen? ‘Blijf de ethische grens wel opzoeken, want daar maak je mooie televisie mee. Maar denk niet te snel dat zorgvuldigheid vooraf afbreuk doet aan je programma. De belangrijkste vraag daarbij luidt: Is de deelnemer zich bewust van het doel van het programma en in staat zelfstandig te beslissen of hij/zij zo op televisie wil? De zelfreflectie van een deelnemer moet passen bij wat er uiteindelijk te zien is.’